Jarenlang was het antwoord op die vraag een volmondig ja. Vandaag niet meer. De Wet van 18 december 2025 heeft de kalender opnieuw hertekend, en sinds 1 januari 2026 hangt alles af van één vraag: koop je via een vennootschap of via een eenmanszaak?
Het korte antwoord
- Vennootschap. Een plug-in hybride die je vanaf 1 januari 2026 aanschaft (koopt, huurt of leaset) is niet meer aftrekbaar. Nul procent. Enkel volledig emissievrije wagens blijven aftrekbaar.
- Eenmanszaak of zelfstandige in de personenbelasting. Voor jou bestaat er wél nog een aftrekregeling voor plug-in hybrides, tot en met een aanschaf in 2029. Afhankelijk van de CO2-uitstoot loopt die tot 75% of zelfs 100%.
- Al een PHEV besteld vóór 2026? Die behoudt zijn overgangsregeling: in de vennootschapsbelasting 50% in 2026, 25% in 2027, en 0% vanaf 2028.
Wat telt is de datum van de bestelbon (of van het leasingcontract), niet de factuur- of inschrijvingsdatum.
Wat er precies veranderd is
De wet van 25 november 2021 op de fiscale vergroening van de mobiliteit bouwde de aftrek van wagens met CO2-uitstoot stapsgewijs af. De regering kondigde in 2025 een versoepeling aan voor plug-in hybrides — die is er ook gekomen, maar in afgeslankte vorm: de Europese Commissie ging niet akkoord met een algemene versoepeling, waardoor de nieuwe, mildere PHEV-kalender enkel geldt in de personenbelasting. In de vennootschapsbelasting is er niets versoepeld.
In de vennootschapsbelasting: drie scenario's
1. Wagen aangeschaft vóór 1 juli 2023
De oude regeling blijft gelden: de gramformule, met een aftrek van minimum 50% en maximum 100%. Voor wagens van vóór 2018 gold een minimum van 75% — die ondergrens wordt vanaf aanslagjaar 2027 geleidelijk afgebouwd.
2. Wagen aangeschaft tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025
Hier loopt de overgangsregeling. De maximale aftrek daalt jaar na jaar:
- 2025 — Maximale aftrek: 75%
- 2026 — Maximale aftrek: 50%
- 2027 — Maximale aftrek: 25%
- vanaf 2028 — Maximale aftrek: 0%
Rijd je vandaag met een PHEV die in die periode besteld werd, dan trek je in 2026 dus nog de helft van je autokosten af — en volgend jaar nog een kwart.
3. Wagen aangeschaft vanaf 1 januari 2026
Geen aftrek meer. Voor élke wagen met CO2-uitstoot, plug-in hybride inbegrepen. De brandstofkosten van een PHEV zijn bovendien apart uitgesloten: 0% aftrekbaar.
Eén uitzondering blijft overeind: de elektriciteitskosten. Laadkosten van een plug-in hybride volgen het regime van elektrische wagens, dus 100% in 2026.
En de elektrische wagen?
Emissievrij blijft de enige categorie die volledig aftrekbaar is — maar ook daar tikt de klok. Het percentage wordt vastgeklikt op het moment van aanschaf en blijft dan gelden voor de hele levensduur van de wagen:
- t.e.m. 2026 — Aftrek: 100%
- 2027 — Aftrek: 95%
- 2028 — Aftrek: 90%
- 2029 — Aftrek: 82,5%
- 2030 — Aftrek: 75%
- vanaf 2031 — Aftrek: 67,5%
Wie in 2026 een elektrische wagen aanschaft, houdt dus 100% aftrek — ook in 2030.
In de personenbelasting: de PHEV blijft interessant
Ben je zelfstandige met een eenmanszaak (natuurlijk persoon met btw-nummer), dan geldt vanaf aanslagjaar 2027 een aparte regeling, met drie aftrekpercentages per kostensoort.
PHEV aangeschaft vanaf 1 januari 2026
- Brandstofkosten: 0%.
- Elektriciteitskosten: volgen het EV-schema hierboven — 100% bij aanschaf t.e.m. 2026, 95% in 2027, 90% in 2028, 82,5% in 2029, 75% in 2030, 67,5% vanaf 2031.
- Alle andere autokosten (afschrijving, onderhoud, verzekering, verkeersbelasting): een aangepaste gramformule zonder brandstofcoëfficiënt — aftrek% = 120% − (0,5% × CO2-uitstoot) — met dit plafond:
- 2026 — Maximale aftrek: 75%, of 100% bij CO2 ≤ 50 g/km
- 2027 — Maximale aftrek: 75%, of 95% bij CO2 ≤ 50 g/km
- 2028 — Maximale aftrek: 65%
- 2029 — Maximale aftrek: 57,5%
- vanaf 2030 — Maximale aftrek: 0%
Een zuinige plug-in hybride onder 50 g CO2/km levert een eenmanszaak in 2026 dus nog altijd 100% aftrek op de wagenkosten op. Dat is het venster dat de wetgever bewust heeft opengelaten.
PHEV aangeschaft tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025
Ook hier geldt vanaf aanslagjaar 2027 een eigen regeling:
- Brandstofkosten: gramformule mét brandstofcoëfficiënt, geplafonneerd op 50% (AJ 2027), 25% (AJ 2028), 0% vanaf AJ 2029.
- Elektriciteitskosten: 100%.
- Andere autokosten: gramformule, met een plafond van 75% — of 100% bij een uitstoot van maximaal 50 g CO2/km.
Echte versus valse hybride: de drempel is verschoven
Dit is het stuk dat je moet kennen vóór je tekent, want het bepaalt hoe de fiscus je wagen ziet.
Een valse hybride is een wagen met verbrandingsmotor en batterij die niet aan de voorwaarden voldoet. De uitstoot wordt dan niet berekend op de eigen waarde, maar op die van een vergelijkbaar model met enkel diezelfde brandstof — of, als dat model niet bestaat, op de eigen uitstoot × 2,5. Dat sloopt je aftrek én verhoogt het voordeel alle aard van de bestuurder.
Je spreekt van een valse hybride als:
- de batterij minder dan 0,5 kWh per 100 kg wagengewicht bedraagt, of
- de CO2-uitstoot hoger ligt dan 75 g/km.
Die 75 g/km is nieuw — het was 50 g/km. De reden: sinds 1 januari 2025 worden nieuwe plug-in hybrides gemeten volgens de strengere Euro 6e-bis-norm, met RDE-tests in echte rijomstandigheden bovenop de labotest. Daardoor stijgt de gemeten uitstoot van vrijwel elke PHEV op papier fors. De drempel is meegeschoven om te vermijden dat modellen die niets veranderd hebben plots als 'vals' bestempeld worden. Vanaf 2026 moeten alle nieuw verkochte PHEV's aan die norm voldoen, ook modellen die vóór 2025 werden goedgekeurd.
Let op bij het vergelijken van wagens: een PHEV met een oude homologatie van 38 g/km en een identiek model met een Euro 6e-bis-waarde van 68 g/km zijn dezelfde auto. De cijfers zijn niet vergelijkbaar — de meetmethode is veranderd, de wagen niet.
Voordeel alle aard en CO2-bijdrage in 2026
Twee cijfers die elk jaar bewegen, en die mee bepalen wat een bedrijfswagen echt kost.
Voordeel alle aard. De referentie-uitstoot voor 2026 bedraagt 70 g/km voor benzine, LPG en aardgas en 58 g/km voor diesel (was 71 en 59 in 2025). Het CO2-percentage is 5,5 + (CO2 wagen − referentie) × 0,1, met een minimum van 4% en een maximum van 18%. Voor elektrische wagens geldt altijd 4%. Het VAA bedraagt nooit minder dan € 1 690 per jaar. Omdat de referentiewaarde daalt, stijgt het VAA licht — dit jaar nauwelijks, omdat het aandeel nieuwe elektrische bedrijfswagens stagneert.
De CO2-bijdrage: het argument dat verdwenen is
De solidariteitsbijdrage — in de volksmond de CO2-taks — is een maandelijkse RSZ-bijdrage die de werkgever betaalt wanneer een werknemer zijn bedrijfswagen ook privé mag gebruiken. Ze staat volledig los van de aftrekbaarheid en van het voordeel alle aard.
De basisformule vertrekt van de CO2-uitstoot (Y, in g/km) en het brandstoftype:
- benzine (en benzine-PHEV): [(Y × € 9) − 768] ÷ 12
- diesel (en diesel-PHEV): [(Y × € 9) − 600] ÷ 12
- LPG, CNG of methaangas: [(Y × € 9) − 990] ÷ 12
- elektrisch: een vast basisbedrag
Op dat resultaat komen twee correcties. Eerst de indexatie — voor 2026 vermenigvuldig je met 185,85 en deel je door 114,08, wat neerkomt op een coëfficiënt van 1,6291 (in 2025 was dat 1,5948). Daarna, voor elk voertuig dat vanaf 1 juli 2023 werd aangekocht, gehuurd of geleased, een multiplicatiefactor. Die stijgt jaar na jaar:
- vanaf 1 juli 2023 — Multiplicatiefactor: 2,25
- vanaf 1 januari 2025 — Multiplicatiefactor: 2,75
- **vanaf 1 januari 2026** — Multiplicatiefactor: **4,00**
- vanaf 1 januari 2027 — Multiplicatiefactor: 5,50
Die factor geldt voor élk voertuig met CO2-uitstoot — plug-in hybrides inbegrepen. Er bestaat geen uitzondering voor PHEV's. Voor wagens die vóór 1 juli 2023 werden aangekocht of geleased, wordt geen enkele multiplicatiefactor toegepast.
Waarom je er als PHEV-rijder in de praktijk toch weinig van merkt
Omdat de formule van een vast bedrag aftrekt (€ 768 bij benzine), levert ze bij een lage uitstoot een negatief resultaat op. Een negatief bedrag maal 4 blijft negatief. En op dát moment grijpt het minimum in — dat, en dit is cruciaal, zelf nooit met de multiplicatiefactor wordt vermenigvuldigd.
De RSZ illustreert het met een plug-in benzinehybride van 22 g/km, besteld in juli 2023: de berekende bijdrage komt uit op −€ 71,47, na toepassing van factor 2,25 op −€ 160,80. Omdat dat onder het minimum ligt, betaal je gewoon het minimum.
Voor 2026 bedraagt dat minimum:
- vóór 1 juli 2023 — Minimumbijdrage per maand: € 33,93
- vanaf 1 juli 2023 — Minimumbijdrage per maand: € 42,34
Reken je de formule terug, dan blijft een benzine-PHEV tot ongeveer 94 g/km en een diesel-PHEV tot ongeveer 75 g/km op dat minimum hangen. Daarboven begint de factor 4 wél te bijten — en daar zit het addertje: door de Euro 6e-bis-meting klimmen de gehomologeerde CO2-waarden van plug-in hybrides fors. Een PHEV die op papier van 45 naar 80 g/km gaat, verandert technisch niets, maar schuift wel richting die grens. Voor een diesel-PHEV kan hij er zelfs over.
Het punt dat veel ondernemers ontgaat
In 2022 was een plug-in hybride ook op dit vlak een winnaar: je viel onder het minimum en betaalde iets meer dan € 20 per maand. Vandaag val je nog altijd onder datzelfde minimum — alleen is dat minimum intussen € 42,34, en dat is exact hetzelfde bedrag als voor een volledig elektrische wagen. Bovendien stijgt het niet-geïndexeerde minimum verder: € 25,99 in 2026, € 28,57 in 2027 en € 31,15 in 2028.
Met andere woorden: op de CO2-bijdrage levert een PHEV je geen voordeel meer op tegenover elektrisch. Het argument is niet zozeer verdwenen omdat de PHEV slechter scoort, maar omdat de bodem onder iedereen is opgetrokken.
Rijd je als zelfstandige of bedrijfsleider zelf met de wagen en stelt je vennootschap hem niet ter beschikking van een werknemer, dan is de bijdrage niet verschuldigd. De RSZ gaat er wel automatisch van uit dát er privégebruik door een werknemer is zodra een wagen op naam van de werkgever staat of geleased is — jij moet aantonen dat dit niet zo is.
En als je privé koopt? Dan blijft een plug-in hybride wél voordelig
Alles hierboven gaat over aftrekbaarheid, en die telt enkel als je via een vennootschap of eenmanszaak koopt. Koop je privé, dan speelt er iets anders: de Vlaamse verkeersbelastingen. En daar wint een plug-in hybride nog altijd ruim van een vergelijkbare benzine- of dieselwagen.
Belasting op de inverkeerstelling (BIV)
De BIV wordt in Vlaanderen berekend met een formule waarin de CO2-uitstoot tot de zesde macht staat. Dat klinkt technisch, maar het gevolg is simpel: onder een bepaalde uitstoot stort het bedrag in elkaar, erboven schiet het omhoog.
Bovenop dat CO2-deel komt een vaste luchtcomponent per brandstof en euronorm. Voor het aanslagjaar 01/07/2026 – 30/06/2027 bedraagt die:
- benzine euro 6: € 28,54
- diesel euro 6: € 628,29
Een plug-in hybride is fiscaal een benzinewagen met een lage CO2-waarde. Beide factoren spelen in je voordeel: het CO2-deel blijft klein en de luchtcomponent is die van benzine. In de praktijk landt een PHEV daardoor op of net boven de minimum-BIV van € 58,16 (bedrag vanaf 01/07/2026). Een dieselwagen betaalt alleen al € 628 luchtcomponent, nog vóór het CO2-deel meegerekend is. Een benzinewagen rond 150 g/km zit al snel in de buurt van € 900.
Koop je tweedehands, dan wordt het basisbedrag bovendien verminderd volgens de leeftijd van de wagen: 10% minder na één jaar, 20% na twee jaar, tot 90% minder na veertien jaar.
Jaarlijkse verkeersbelasting
Voor wagens die vanaf 2021 werden ingeschreven, geldt de groene verkeersbelasting: een basisbedrag volgens fiscale pk, dat vervolgens wordt aangepast.
- −0,30% per gram CO2 onder 149 g/km (tot maximaal 24 g/km), of +0,30% per gram erboven
- −15% voor benzine euro 6, +15% voor diesel euro 6
- daarbovenop 10% opdeciem voor de gemeente
Een plug-in hybride pakt hier dus twee kortingen tegelijk: de grote CO2-korting én de benzinekorting. Een diesel krijgt een opslag van 15% en een veel kleinere (of geen) CO2-korting.
En de elektrische wagen?
Sinds 1 januari 2026 is elektrisch in Vlaanderen niet meer volledig vrijgesteld. Een EV die vanaf die datum wordt ingeschreven, betaalt een forfaitaire BIV van € 61,50 en een forfaitaire jaarlijkse verkeersbelasting van € 107,16 (inclusief opdeciem). Elektrische wagens die uiterlijk op 31 december 2025 werden ingeschreven, blijven wél vrijgesteld — ook als jij ze later tweedehands koopt.
Beide bedragen blijven laag. Maar het verschil tussen elektrisch en plug-in hybride is op dit vlak dus veel kleiner geworden dan het was.
> Let op: dit zijn de Vlaamse regels. Brussel en Wallonië hanteren een eigen berekening. Wil je het exacte bedrag voor een specifieke wagen? Gebruik de simulator van de Vlaamse Belastingdienst, of vraag het ons — wij rekenen het voor elke wagen in onze stock voor je uit.
Wat betekent dit als je vandaag een wagen zoekt?
We verkopen jonge tweedehandswagens, dus dit is de vraag die we het vaakst krijgen: geldt die oude, gunstige regeling nog als ik een PHEV van 2023 koop?
Nee. Wat telt is het moment waarop jij de wagen aanschaft, niet wanneer hij voor het eerst werd ingeschreven. Koop je in 2026 een tweedehandse plug-in hybride via je vennootschap, dan val je onder de regels van 2026 — dus geen aftrek. De gunstige overgangsregeling volgt de vorige eigenaar niet mee.
Concreet:
- Vennootschap, wagen nu nodig. Dan is elektrisch het enige fiscaal zinvolle antwoord. 100% aftrek bij aanschaf in 2026, en dat percentage blijft levenslang gelden.
- Eenmanszaak. Een plug-in hybride blijft een verdedigbare keuze, zeker onder 50 g CO2/km. Reken wel met 0% op je brandstof.
- Privé. Hier speelt aftrekbaarheid geen rol, maar de verkeersbelastingen wél — en daar blijft een plug-in hybride duidelijk goedkoper dan een vergelijkbare benzine- of dieselwagen (zie hierboven). Blijft staan: een PHEV is enkel een goede wagen als je hem élke dag laadt en je woon-werkverkeer elektrisch aflegt. Doe je dat niet, dan sleep je een batterij mee die je nooit gebruikt en verbruik je meer dan met een gewone benzinewagen.
Twijfel je tussen beide? Kom langs, we rekenen het samen door op basis van je werkelijke kilometers en laadmogelijkheden. Wij verkopen je liever de juiste wagen dan de duurste.
_Deze tekst is een algemene toelichting op basis van de wet van 25 november 2021 houdende fiscale en sociale vergroening van de mobiliteit, de wet van 18 december 2025 houdende diverse bepalingen, de referentie-CO2-uitstoot en indexatiecoëfficiënten voor 2026, en de tarieven van de Vlaamse Belastingdienst voor 01/07/2026 – 30/06/2027. De situatie is bijgewerkt tot juli 2026. Het is geen fiscaal advies: leg je concrete situatie altijd voor aan je boekhouder._
Veelgestelde vragen
Is een plug-in hybride in 2026 nog aftrekbaar voor mijn vennootschap?
Nee, niet als je hem vanaf 1 januari 2026 aanschaft. Wagens die tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025 besteld werden, zijn in 2026 nog voor maximaal 50% aftrekbaar en in 2027 voor 25%.
Geldt dat ook voor een tweedehandse plug-in hybride?
Ja. De regeling volgt de datum waarop jij de wagen aanschaft, niet de eerste inschrijving.
Ik ben zelfstandige met een eenmanszaak. Kan ik nog een PHEV aftrekken?
Ja. In de personenbelasting bestaat er een aparte kalender: in 2026 tot 75% van de autokosten, en tot 100% als de wagen niet meer dan 50 g CO2/km uitstoot. Brandstofkosten zijn wel 0% aftrekbaar, elektriciteit 100%.
Welke datum telt: de bestelling, de factuur of de inschrijving?
De datum van ondertekening van de bestelbon, of van het leasingcontract bij leasing.
Wat is een 'valse hybride'?
Een plug-in hybride met een batterij van minder dan 0,5 kWh per 100 kg wagengewicht, of met een uitstoot van meer dan 75 g CO2/km volgens de Euro 6e-bis-norm. De fiscus rekent dan met de uitstoot van een vergelijkbaar model op brandstof, of met je eigen uitstoot × 2,5.
Zijn de laadkosten van mijn plug-in hybride nog aftrekbaar?
Ja. Elektriciteit volgt het regime van elektrische wagens: 100% in 2026.
Geldt de verhoging van de CO2-bijdrage ook voor plug-in hybrides?
Ja. De multiplicatiefactor (4,00 in 2026, 5,50 vanaf 2027) geldt voor élk voertuig met CO2-uitstoot dat vanaf 1 juli 2023 werd aangekocht, gehuurd of geleased. Plug-in hybrides zijn niet uitgezonderd. In de praktijk merk je er bij een zuinige PHEV weinig van, omdat de berekende bijdrage dan negatief is en je op het minimum uitkomt — en op dat minimum wordt de factor niet toegepast.
Betaal ik dan minder CO2-bijdrage met een plug-in hybride?
Niet meer dan met een elektrische wagen. Beide vallen op de minimumbijdrage van € 42,34 per maand in 2026 (€ 33,93 voor wagens van vóór 1 juli 2023). Vanaf ongeveer 94 g/km bij benzine, of 75 g/km bij diesel, stijgt de bijdrage wél boven dat minimum. De bijdrage is ten laste van de werkgever, niet van de bestuurder.
Ik koop privé. Is een plug-in hybride dan nog interessant?
Ja. Aftrekbaarheid speelt dan geen rol, maar de Vlaamse BIV en jaarlijkse verkeersbelasting wel. Door zijn lage CO2-uitstoot en zijn benzine-euronorm landt een plug-in hybride op of net boven de minimum-BIV van € 58,16, terwijl een diesel alleen al € 628,29 luchtcomponent betaalt. Ook op de jaarlijkse verkeersbelasting krijgt een PHEV zowel de CO2-korting als de benzinekorting van 15%.
Betaalt een elektrische wagen in Vlaanderen nu ook verkeersbelasting?
Ja, als hij vanaf 1 januari 2026 werd ingeschreven: een forfaitaire BIV van € 61,50 en € 107,16 jaarlijkse verkeersbelasting. Een EV die uiterlijk op 31 december 2025 werd ingeschreven, blijft vrijgesteld — ook als je hem daarna tweedehands koopt.
Blijft mijn elektrische wagen 100% aftrekbaar?
Als je hem uiterlijk in 2026 aanschaft, ja — dat percentage blijft gelden zolang je de wagen houdt. Vanaf 2027 zakt het naar 95% voor nieuwe aanschaffingen, en verder tot 67,5% vanaf 2031.